Het parkeerbeleid in de binnenstad van Gouda blijft de gemoederen bezighouden. Na de uitspraak van de voorzieningenrechter van de Rechtbank Den Haag op 26 februari is nu bevestigd dat betrokken bewoners het recht op hun huidige parkeervergunning mogen behouden onder dezelfde voorwaarden en tegen hetzelfde tarief. Deze situatie blijft in stand tot twee weken na de definitieve uitspraak in de bodemprocedure.
Discussie
De gemeente Gouda heeft tijdens de zitting ingestemd met het bevriezen van de bestaande situatie, maar alleen voor de bewoners die formeel beroep hadden ingesteld. Dat heeft geleid tot discussie over de vraag voor wie de uitspraak nu precies geldt.
Verschil van interpretatie: 19 of 35 bewoners?
Tijdens de zitting trad één gemachtigde, op namens in totaal 34 medebezwaarmakers (plus zichzelf). Omdat niet iedereen tijdig zijn handtekening kon zetten onder de formele volmacht - door vakantie, verblijf in het buitenland of ziekte - werd een lijst van 19 volmachtgevers overhandigd.
De rechter gaf echter expliciet aan dat de ontbrekende handtekeningen later konden worden toegevoegd en dat dit geen belemmering vormde voor de behandeling. Zowel gemeente als vertegenwoordigers bevestigden dat dit een werkbare afspraak was.
Toch heeft de gemeente de opschorting vooralsnog alleen toegepast op de 19 formele volmachtgevers, terwijl de overige bewoners een rekening van €1.660 ontvingen en die inmiddels hebben betaald. De gemachtigde heeft inmiddels een brief gestuurd aan de rechtbank met het verzoek te verduidelijken dat de voorlopige voorziening betrekking heeft op alle 35 betrokken bewoners, zoals ook in de zitting besproken.
Leefbaar Gouda stelt schriftelijke vragen: “Fundamentele zorgen over zorgvuldigheid”
Naar aanleiding van deze ontwikkelingen stelt Leefbaar Gouda scherpe vragen aan het college. De fractie spreekt over fundamentele zorgen rond: zorgvuldigheid, evenredigheid, de toepassing van wetgeving en de impact op inwoners.
De partij verwijst nadrukkelijk naar artikel 3:4 Awb (evenredigheidsbeginsel) en vraagt het college om uitleg.
De belangrijkste vragen van Leefbaar Gouda op een rij
-
Bevestigt het college dat betrokken bewoners hun huidige vergunning mogen houden tot twee weken na de uitspraak in de bodemprocedure?
-
Is duidelijk dat deze voorlopige voorziening is getroffen na een belangenafweging binnen de spoedprocedure?
-
Waarom is de optie tot bevriezing van de situatie niet eerder geboden, bijvoorbeeld in de bezwaarprocedure?
-
Hoe heeft het college het evenredigheidsbeginsel toegepast bij de plaatsing op de LUP-lijst, vooral gezien de forse financiële gevolgen (stijging van €150 naar €1.660)?
-
Hoeveel adressen staan nu op de LUP-lijst, hoeveel bezwaren zijn er ingediend en hoeveel beroepszaken lopen nog?
-
Is er een risicoanalyse gemaakt voor het geval de rechtbank het besluit onrechtmatig of onevenredig vindt?
-
Is het college bereid terughoudend te zijn met nieuwe LUP-plaatsingen tijdens de lopende beroepszaak?
-
Erkent het college dat mogelijk meer binnenstadbewoners in een vergelijkbare situatie verkeren, maar niet naar de rechter zijn gegaan?
Belangrijk signaal van de rechter
Dat de rechter de situatie bevriest, wordt gezien als een duidelijke waarschuwing richting de gemeente. De rechter merkte tijdens de zitting op dat: het beleid zeer complex is, de onderbouwing richting inwoners onvoldoende helder en dat mogelijk een meervoudige kamer (drie rechters) nodig is om het dossier volledig te wegen.
Hoe nu verder?
-
Bewoners wachten op verduidelijking vanuit de rechtbank over de reikwijdte van de voorlopige voorziening.
-
De gemeente moet beoordelen hoe zij omgaat met de 35 betrokken adressen.
-
Het college moet schriftelijk reageren op de vragen van Leefbaar Gouda.
-
De bodemprocedure moet nog worden ingepland. De definitieve uitspraak volgt waarschijnlijk pas later dit jaar.
ZoGouds.nl volgt dit dossier nauwgezet en brengt updates zodra de rechtbank of het college met nieuwe informatie komt.