Buikpijn van de oorlog. De strijd tussen Hamas en Israël houdt velen bezig. Ook mijzelf. Donderdagavond was er een vredesbijeenkomst in de Goudse Sint Jan, met stilte, muziek en gebed. Hoe wordt de spiraal van geweld en wraak doorbroken? Ook door goede woorden te zeggen en elkaar te zien. Bij deze mijn speech.
Buikpijn.
Dat is wat je ervan krijgt.
Buikpijn bij het zien van die vreselijke beelden hoe jongeren werden neergeschoten op een feest.
Hoe in Sdrot weerloze baby’s en bejaarden werden gevangen en gegijzeld.
Hoe 2 miljoen Palestijnen in Gaza daarna zijn afgesloten van water en energie.
Hoe ze elke nacht worden gebombardeerd. Hoe hun ziekenhuizen niet goed meer functioneren omdat medische apparatuur uitvalt.
Je krijgt de beelden niet meer van je netvlies.
De oorlog tussen Hamas en Israël is een humanitaire ramp. Erasmus schreef ooit al huiverend: ‘Oorlog is afschuwelijk en onmenselijk.’
Buikpijn had ik ervan dat één van mijn beste vrienden met zijn schoolklas doodsangsten uitstond. Ze hadden zin in de werkweek. Vorige week donderdag kwamen ze aan. Het loofhuttenfeest was bijna voorbij. Er was een vredige, relaxte sfeer…
Vanaf zaterdag zaten ze middenin een oorlog. Terwijl een militair vliegtuig onderweg was om hen te repatriëren, ging gisteren in Tel Aviv opnieuw het luchtalarm af. Dan lig je daar, met gasten van 15 jaar op de koude vliegveldgrond, te wachten tot het veilig is. God zij dank zijn ze gisterenavond gezond gearriveerd.
Een Gouwenaar klampte me aan dit weekend en zei: ‘Als er een conflict is in Israël, dan resoneert dat ook in Gouda.’ Dat is ook zo.
Fijn daarom dat u er bent, op deze bijzondere bijeenkomst.
Con dolere betekent samen lijden.
Dank daarom richting de initiatiefnemers om vanavond een moment te organiseren van samenzijn. Van stilte. Van muziek. Van gebed. Van het verlangen naar vrede, naar salam en naar shalom.
En toch buikpijn; ook, omdat je naar woorden tast. Hoe kun je het verdriet beschrijven dat al die slachtoffers en hun dierbaren ervaren. De bezorgdheid van mensen, ook in Gouda, omdat familie daar woont. Mensen van wie gehouden wordt, die daar in angst leven omdat ze in bezet gebied wonen; of opgeroepen zijn als reservist.
Afgelopen zomer was ik met onze oudste dochter in Jeruzalem. Letterlijk ‘stad van de shalom’, ‘van de salam’. Een heilige plaats van vrede. Op de Golan dronken we koffie bij de bar ‘Coffee Anan’. Er was wel een VN-vredesmacht, maar die had toen niets te doen. ‘Het enige dat ze controleren is of de koffie goed smaakt’, vertelde de gids.
Het is onwerkelijk dat het hele gebied opeens in staat van oorlog is. Dat mensen overdag hamsteren en ’s nachts de bombardementen plaatsvinden. Aan beide zijden van de grens.
Daarom is het goed om vanavond samen te zijn. Samen te lijden. Samen de onmacht te delen. De dialoog aan te gaan. Te bidden voor vrede. In het besef dat hoe donker het ook is, er altijd een sprankje hoop is. ‘There is a crack in everything. That is where the light gets in.’
In februari 1943 werd een Joods jongentje geboren. Abraham Soetendorp. Zijn vader gaf hem op bij de burgerlijke stand. ‘Geef hem ook de naam Shalom.’ Dat was risicovol. Een SS-officier liet de baby in leven tijdens een razzia. Rabbijn Soetendorp leef nog steeds.
Wat een prachtig voorbeeld. Middenin een oorlog verlangen naar vrede. Dwars door de ellende, de verdeeldheid en de morsigheid van mensen heen.
Het kwade is besmettelijk. Het goede ook. Een oud gezegde luidt: ‘God schiep de wereld om deze wereld mooier maken.’
Dat kan nog steeds, de wereld mooier maken. Dan is er meer liefde nodig. Meer geduld. Meer waarheid. Meer rechtvaardigheid.
Vrede zij met u. Salam-aleikum!
Toespraak oorlog Hamas-Israël van burgemeester Pieter Verhoeve, Sint-Janskerk; 12 oktober 2023