In één van de grootste panden in de Goudse binnenstad heeft At Bachtsevanidis - beter bekend als At de Griek - een bijzondere droom waargemaakt: een volledig zelf ingericht museum gewijd aan het Nederlandse Koningshuis. Van Juliana tot Amalia, van oude kranten tot sierlijke oranjespullen: zijn ruimtes hangen en staan inmiddels vol met bijna 9000 foto’s en verzamelde objecten, en At is nog lang niet klaar.
At Bachtsevanidis heeft een bijzondere droom waargemaakt: een volledig zelf ingericht museum gewijd aan het Nederlandse Koningshuis. Van Juliana tot Amalia, van oude kranten tot sierlijke oranjespullen: zijn ruimtes hangen/staan vol met bijna 9000 foto’s en verzamelde objecten. pic.twitter.com/urSJ7dvdhr
— ZoGouds.nl (@DitiszoGouds) April 24, 2026
Een leven lang liefde voor het Koningshuis
At, inmiddels 81 jaar, kwam op 12 maart 1968 vanuit Griekenland naar Nederland. Zijn leven daar was zwaar, getekend door armoede, politieke spanningen en het vertrek van zijn vader - een communist die met een geweer op zijn rug het gezin verliet toen At nog maar een baby, een maand oud was. Met een aanbevelingsbrief van dorpshoofd, pastoor en leraar kreeg de jonge meubelmaker de kans een nieuw leven op te bouwen.
Nederland werd zijn thuis. En het Koningshuis werd zijn houvast. „Ik hou van Holland. Ik hou van het Koningshuis. Het is mijn bonus in het leven”, vertelt hij trots.
Zijn fascinatie begon al in Athene, waar hij op jonge leeftijd in aanraking kwam met koning Constantijn van Griekenland. Eenmaal in Nederland volgde hij koningin Juliana en prinses Beatrix op de voet. Vanaf 1988 begon hij alles te verzamelen wat hij maar kon vinden: kranten, tijdschriften, foto’s, memorabilia. Tot op de dag van vandaag koopt hij trouw zijn Koninklijke knipsels bij Primera op de Markt en zoekt hij naar vondsten in tweedehands boekwinkels.
Een uit de hand gelopen hobby, in twee museumruimtes
Wat begon als een passie, groeide uit tot iets veel groters. In zijn pand aan de Lage Gouwe dat loopt tot aan Achter de Vismarkt heeft At inmiddels twee kamers ingericht: één van 24m² en één van 50m², elk gevuld met zorgvuldig opgehangen panelen vol foto’s, artikelen en oranjeversieringen. Alles door elkaar, geen archief. Lukraak bij elkaar gebracht en geplakt. Puur uit onbegrensde liefde. „Het is geen logische volgorde, alles zit door elkaar heen. Maar dat geeft niet. Het gaat om het gevoel. Ik kan hier uren zomaar zitten: rondkijken, genieten en mijmeren. Dit is mijn droom die is uitgekomen.”
At heeft er een jaar over gedaan en werkt er bijna dagelijks aan: zo’n vijf uur per dag. En toch: hij is nog lang niet klaar. Er liggen nog dozen vol materiaal. "We kunnen hier nog een wandje maken en twee kanten volhangen. En ik wil ook alle plafonds helemaal volplakken", zo wijst het in het rond.
Een leven vol ondernemerschap
Naast zijn verzameldrift heeft At een rijk ondernemersverleden. Hij runde cafetaria Sjors in Utrecht, later restaurant Akropolis in Hilversum en vanaf 1986 restaurant Delphi in de Wijdstraat in Gouda. Met zijn vrouw Dina en broer Alex die later restaurant Kreta begon in Waddinxveen. Ook bezit At meerdere panden in de Goudse binnenstad. Maar rijk en gelukkig is hij van zijn verzameling.
‘Mensen zeggen: je bent gek, maar op een leuke manier’
Tot nu toe hebben slechts een handjevol mensen zijn Koningshuis-museum van binnen gezien. At wil dit graag veranderen en zijn museum voor een ieder open stellen. „Ik wil dit dolgraag aan mensen laten zien. Hoe? Ik heb nog geen idee”, zegt hij. „Dit is mijn land. Ik wil nooit meer terug naar Griekenland. Dit museum is mijn geloof, mijn passie. Misschien dat de koning en koningin zelf ooit komen kijken? Ik denk het niet… maar dromen mag altijd.”
Een verborgen Gouds pareltje
Beelden zeggen vaak meer dan letters en verhalen. In dit geval zeker. Bekijk dan ook zeker de foto's en filmpjes op (de socials van) ZoGouds.nl. Wie het geluk heeft binnen te stappen, stapt een wereld binnen die doet denken aan Man bijt Hond: puur, eigen, vol emotie en liefde voor Oranje. Een onverwacht stukje Goudse cultuur, gemaakt door een man die zijn hart volledig aan Nederland en het Koningshuis heeft verpand.
En, zoals At zelf zegt: „Het verveelt nooit. Nooit.”