Ook in de mode- en Missen-wereId zijn er hooligans. Echt waar! Zo ontdekte onze columnist Jan de Bruijn in de jaren '80-'90 aan den lijve.
Ik had in de '80 en '90 van de vorige eeuw een behoorlijke naam opgebouwd in het Missen-circuit. Ieder jaar drongen er wel een paar meiden van mijn modellenburo door tot minimaal de halve finales van de toenmalige Miss Holland verkiezing.
Absoluut hoogtepunt was natuurlijk de bekroning tot Miss Universe van Angela Visser in 1989 nadat zij een jaar eerder via mijn buro Miss Holland was geworden. Adel verplicht, dus nam ik maar al te vaak plaats als jurylid bij diverse schoonheidswedstrijden.
De Miss Cabo Verde verkiezing in een Rotterdamse discotheek was er èèn om nooit te vergeten. Waarom? Nou, hierom: ... Ik had mijn fotograaf en èèn van mijn topmodellen meegenomen als medejury leden. De avond bestond uit een voorronde, halve finale en finale. Het was afgeladen vol.
Bij binnenkomst zag ik zag de eigenaar van de disco vooraf in druk overleg met Lyod, de organisator die even later naar me toe kwam en zei op intimiderende wijze: "Jij bent de juryvoorzitter en jij moet er voor zorgen dat meisje nr.8 Carmen naar de finale gaat."
"Geen discussie of tegenspraak. Zoo dan! Dit moet van de zaaleigenaar omdat Carmen familie van hem is en een grote aanhang heeft meegenomen wat zorgt voor een top drankomzet".
Ik was overdonderd. Weggaan was gezien de woest kijkende ingehuurde gorilla's geen optie en ik overlegde met mijn mede juryleden.
We hadden alle drie zoiets van: We zien wel... Geen idee hebbende hoe hoog Kaapverdiaanse emoties kunnen oplopen. Het is meer dan prestige!
Er deden 20 meisjes mee. In de eerste ronde sprong meisje 5 Glenda er al duidelijk bovenuit. "Onze" Carmen was lief en leuk maar stak schrilletjes af tegen Glenda. Maar we konden haar wel probleemloos bij de laatste 10 plaatsen.
Ook de daarop volgende schifting was met de hakken over de sloot nog acceptabel. In de finaleronde viel ze echter door de mand. Glenda blies al haar 4 overgebleven rivalen van het podium, "onze" Carmen was verreweg de minste van het stel.
In de pauze tijdens het jury overleg werd ik nogmaals fijntjes door Lyod in gezelschap van zijn 2 bodyguards nogmaals op onze "afspraak" gewezen.
"Denk er aan, Carmen MOET winnen!", werd me nogmaals en weinig subtiel te verstaan gegeven. "Winnen?", ze moest de finale halen en dat is gelukt , maar iedere blinde egel ziet dat zij kansloos is", was mijn verweer.
Ik zou naast de drankomzet en het feit dat zij het nichtje van de bar eigenaar was in geen honderd jaar kunnen bedenken waarom zij zou kunnen winnen. Het zou een keuze zijn die behalve door haar familie door niemand zou worden begrepen.
Lyod keek me indringend aan en stelde mij aansprakelijk voor een eventuele "foute" beslissing. Ik legde het aan mijn mede juryleden uit. Dit konden we echt niet maken en we besloten om de absolute ster van de avond Glenda "gewoon" tot winnares uit te roepen...
Het was aan mij de taak om de uitslag onder het bekende tromgeroffel bekend te maken. Met lood in de schoenen stond ik op het podium waar ik alle finalistes een compliment maakte en bedankte voor hun inbreng.
Ik riep nr. 3 uit, er volgde een mager applausje. Nu maakte ik nr. 2 bekend, en dat was dus... ...ta daa: Carmen!
Meteen brak de hel los! Hier waren de fans van Carmen het duidelijk niet mee eens! Maar voordat ik haar officieel tot winnares kon uitroepen, bleek dat Glenda ook duidelijk veel familie en heetgebakerde en dronken drinkende fans in de zaal had!
Er werd eerst nog wat gejoeld, maar al snel klommen er oververhitte toeschouwers op het podium en volgde er de eerste schermutselingen met de beveiligers.
De Missen onder aanvoering van winnares Glenda zagen hun eerder nog zo lieftallig uitgesproken wereldvredewens in rook opgaan en renden in paniek van het podium. Ook wij moesten serieus uitkijken en ik rende met mijn mede juryleden achter de Missen aan.
Eenmaal in onze eigen kleedkamer aangekomen blokkeerden we meteen met stoelen de deur. Mijn fotograaf wees naar een krap maar openstaand raampje. Nu leden we geen van drieën aan overgewicht en de kleedkamer was op de begane grond, dus van een dodensprong was geen sprake.
De meute was ons nog niet verder achterna gekomen na onze podiumvlucht, dus hadden we nog tijd om ons via allerlei ongemakkelijke lichaamsbochten door het kleine raampje een weg te banen om na een fraaie sprong vervolgens met een toch nog redelijk hard op de grond te belanden.
Gelukkig waren we met één auto en die stond een paar meter verderop. Zoeff ....als een ware Max Verstappen raceden we de al ontwakende Maasstad uit. Wellicht bespaarde onze ontsnapping ons naast wat botbreuken en dichte ogen een lange trauma therapie inclusief slachtofferhulp.
Miss CaboVerde leefde hopenlijk nog heel lang en gelukkig....
Jan de Bruijn